ATWOOD

Ottawa 1939. Daar begint het mee.  Nog voor de inleiding en nog voor het eerste van de negenendertig hoofdstukken.

Ik blader wat door de internet reviews en commentaren tijdens het lezen en bladeren door deze non-autobiografie. Sommige commentaren gaan over de stijl van de memoires, over literatuur, of de twee of meerdere personen of personages wat Atwood aanstipt als schrijver, of in hoeverre ze zich blootgeeft en passages waarin ze wraak lijkt te nemen, hetgeen ik niet kon verifiëren. Dan zijn er reacties in kranten waar ik geen toegang toe heb. Ook schrijft men over haar professionele kunde als profeet en visionair, in combinatie met een uitleg over haar bekendste boek, the handmaid's tale. En dat vooral met Trump die profetie waarheid bleek te worden. [Hoe moet dat zijn voor de Amerikaan, dat een Canadees hun culturele achillespees blootlegt?]

Ik lees wat over haar achtergrond in Canada, over het beroep van haar vader (entomoloog) en over haar liefde voor de natuur en in het tweede hoofdstuk waar ook een eerste foto te vinden is, gaat het over muizen en of deze - zo vraagt ze zich af - ook naar de stad afreizen en hoe hun leven daar is. De tegenstelling stad en natuur probeer ik me in te denken. Hier is het een gemis om niet de uitgebreide natuur van Canada te kennen. Ik ken het oerwoud, maar geen bossen ter omvang van een Europees land. Ook vertelt ze in het begin over de cultuur - altijd impliciet - en dat de mensen in dat gebied Frangles spraken. Later vertelt ze over de Franse cultuur (waar we weinig mee heeft) , maar dat Frangles lijkt me toch wel een motief.

Maar dan komt het.  

Hoofdstuk drie heeft als titel, ascendent in Gemini - tweelingen. Astrologie. Ik zag op het internet een lijst van bekenden die ook op die dag zijn geboren en daaronder zag ik Brene Brown staan. Grappig vond ik dat.

Wanneer ik dit hoofdstuk lees dan ben ik positief verrast, in de zin dat zoiets on wetenschappelijks als astrologie een belangrijke aanhanger kent. Ze is niet de enige schrijfster van formaat, in Nederland was Vestdijk misschien wel de belangrijkste exponent van het fenomeen. Maar dan het taalgebruik. Ze schrijft over de oorlog die twee maanden eerder uitgebroken was en dat de angst van haar moeder voor de situatie te voelen moet zijn geweest. Het dierenriemteken dat 18 november omvat is er een van (de maand) van de dood, seks, en regeneratie. Maar, niet alles was zo zwart vervolgt ze, en met dit als voorteken, hoe kwam ik zo'n opgewekt kind in het leven? In het Spaans, waarin ik de memoires las gaat het om augurio en het Latijnse Augurium dat afkomt - zo heb ik opgezocht - van augere, dat laten groeien of toenemen betekent, wat voor de Romeinen betekende dat de groei van de staat geholpen zou worden. De toekomst was de toekomst van de natie. Dit zoek ik er even bij, maar hier krijg je als lezer die nieuwsgierig is naar haar profetische rol als schrijver hoe het denken (inde memoires) en schrijven van poëzie en romans samen kunnen gaan. [Verderop in het boek heeft ze het over bijgeloof dat ze onder andere deelt met de chinezen, hier dat het nummer vier inhoudt: een slecht voorteken]

Zelf gaat ze diep in op de astrologie van haar geboortekaart en vertelt wie de schorpioen regeert, zijnde Mars, god van de oorlogen Hades, god (Pluto) van de onderwereld. Ze verbindt dit met een soort competitief voordeel voor de detective, spionnen, en de criminele geesten in het algemeen. Ze voegt er aan toe, schrik niet want mijn ascendent is Gemini, en ascendent begrijp ik is het teken dat je van buiten ziet, hoe iemand zich manifesteert. De tweeling is zoals Jekyll en Hyde en die uitleg hoeft ook geen verdere detaillering. Tweelingen wordt weer geregeerd door Hermes, god van de handel (Mercurius), boodschapper, uitvinder van grappen, aartsengel en ontdekker van geheimer. De schorpioen is ook een teken dat overal skeptisch voor is, en "neem dit alles dus niet te serieus," waarmee ze de astrologie ook op afstand zet.

Hoe dit dan precies verbindt met de natuur en die ijskoude winters met veel sneeuw in Ottowa en regionen valt wat weg. Ook in dit hoofdstuk weer foto's - van de natuur en van het huisje dat haar vader op een natuurlijke manier gebouwd heeft en waar zij een plattegrond aan toevoegt. Haar moeder las haar 's avonds verhaaltjes voor en deed dat als een echte actrice die veel indruk maakte op de dochter. Ook ziet ze dan haar eerste film wat een adembenemend avontuur is. 

Nederland speelt ook een grote rol in het verhaal, meer dan verwacht wanneer ze vertelt dat de tulpen die ze tegenkwam te danken zijn aan de Hollanders die de Canadezen tot op de dag van vandaag dankbaarheid tonen en deze opsturen. 

Ze schrijft over de rol van de bijbel in haar opvoeding, van de kant van haar vader en hoe dat terugkeert in haar werk (Gilead). Verder lees ik over haar schooljaren waar ze een studiebol was en op een gegeven moment in een klas terecht kwam met andere uitzonderlijke leerlingen. Ze was voorzichtig, stipt ze aan wat later terugkeert bij haar eerste vriendje die al snel uitgekeken raakt en iemand zoekt die verder wil gaan dan de jonge Margaret. Ook schrijft ze over haar eerdere werk, een toneelstuk (Moonblossom Smith) en de slangenvrouw (een gedichtenreeks - Snake Poems). Qua professie laat haar carrière geen twijfel, en ze gaat literatuur studeren. Is een fervent aanhanger van T.S. Eliot, en vertelt meer over haar werk en hoe dat tot stand kwam. In het begin. Atwood schrijft en schrijft, en is in die zin Amerikaans: Het moet veel zijn. "Double Persephone was het begin van mijn carrière als auteur," schrijft ze in hoofdstuk dertien, en daarop volgt het eerste verhaal - het voorafje - van haar bestseller. In hoofdstuk 30 komt het boek zelf aan de orde. En bijna aan het eind, The Testaments, waarin - zoals ik begrijp - het vervolg op The Handmaid's tale komt voor een einde vooral voor het kijkende publiek dat wilde weten hoe het afliep met...

...

Op een punt in het boek aangekomen over heksen, vond ik dit interview in de krant El País** 

Wat ik lees na dit boek (door een referentie) is the house of fame, van Chaucer. 

Later mogelijk meer. Is dit een biografie dan wel memoire die ik opnieuw wil lezen? Veel vragen volgen nu, over de vrouw, schrijver en andere productieve rollen en haar levensbeschrijving. Had de Handmaid's tale ook door een Amerikaanse geschreven kunnen worden, bijvoorbeeld. 

** - Margaret Atwood: ‘Oudere vrouwen mogen maar twee dingen zijn: wijze oude vrouwen of slechte oude heksen’

In een gesprek vanuit Toronto reflecteert de auteur – die haar langverwachte memoires heeft vrijgegeven – op Trump, de blijvende kracht van ‘The Handmaid’s Tale’, de Canadese literatuur en de sterfelijkheid.

Het is spitsuur in dit drukke café in het centrum van Toronto, maar niemand lijkt Margaret Atwood op te merken, de beroemdste schrijver van Canada en een van de meest gevierde ter wereld. Klein, gekleed in donkere kleding en met een hoed op die haar witte, krullende haar verbergt, beweegt de 85-jarige Atwood zich onopgemerkt door het café en kiest op een van die zonnige dagen waarop de Canadese herfst schuchter zijn wintertanden blootlegt, het terras om met zachte stem en met haar gebruikelijke ironie te spreken over haar langverwachte memoires.

Ze zag er het nut niet van in om ze te schrijven (“Wie wil het verhaal lezen van iemand die aan een bureau zit en worstelt met een blanco pagina?”, vraagt ​​ze in het boek; “Het is saai genoeg om te sterven van verveling”, besluit ze), maar uiteindelijk deed ze het toch. En ze heeft haar memoires The Book of Lives genoemd, omdat dat precies is wat het is: een verre van saai, genereus en goedgehumeurd verslag van het lot van het leven dat wordt overhandigd aan iemand die altijd bereid is zichzelf te bagatelliseren – van een wilde jeugd tot een rondzwervende jeugd; vanaf haar ontwaken toen de dichter onlangs de Joan Margarit Internationale Poëzieprijs uitreikte tot haar opkomst als gevierd romanschrijfster; en van haar volwassenheid als profetische auteur van The Handmaid’s Tale tot de jaren van weduwschap na de dood in 2019 van haar tweede echtgenoot, Graeme Gibson, haar levenslange partner en vader van haar dochter.

Het ruim 600 pagina's tellende boek is ook het verhaal van een verloren tijdperk: het verhaal van de naoorlogse generatie en de evolutie van sociale gewoonten in de tweede helft van de 20e eeuw, de triomfen en beproevingen van het feminisme, en de opkomst van de Canadese literatuur, die dankzij haar en haar tijdgenoten opkwam in de schaduw van de hegemonische Verenigde Staten. Over dat onderwerp wordt gezegd dat Atwood – ‘Peggy, voor vrienden,’ verduidelijkt ze – de grande dame is.

Vraag. In het boek denk je na over roem, maar gezien wat we hebben gezien lijkt het niet zo’n groot probleem te zijn.

Antwoord. Het komt omdat een van mijn redacteuren steeds maar zei: "Maar was je toen beroemd? Maar was je toen beroemd?"

V. Wanneer ben je beroemd geworden?

A. Het hangt af van de definitie die we kiezen… Dit is Canada. De mensen hier zijn behoorlijk geconcentreerd op wat ze doen. Ik word veel herkend op luchthavens. Dat is waar ik terechtkom in wat ik ‘de selfie-hinderlaag’ noem.

V. Na het lezen van het boek zou je zeggen dat je een goed leven hebt gehad.

A. Het was geluk. Het was een gelukkige tijd in de geschiedenis om hier te zijn. Een groot deel van je leven bestaat uit tijd en plaats.

V. Het boek leest soms als een soort De wereld van gisteren van Stefan Zweig...

A. In ieder geval de wereld van eergisteren [Gelach]. Ik ben een van de weinige mensen die zich die jaren nog herinnert.

V. U schrijft over een tijd waarin ‘er van niets genoeg was’. Nu is er min of meer te veel van alles. Mis jij die jaren?

A. Ik denk dat we altijd jaren missen waarin we jonger waren dan nu.

V. Ben je nostalgisch?

A. Helemaal niet. We beschouwen onze jeugd als superieur. Maar dat waren ze niet noodzakelijkerwijs. De jaren twintig en dertig zijn een hel.

V. Waarom telt uw boek in de eerste veertig jaar vierhonderd pagina's en in de tweede veertig jaar 200 pagina's?

A. Omdat dingen minder interessant worden als je ouder wordt!

V. Bestaat er plezier in ouder worden?

A. Dat je je niet al te veel zorgen hoeft te maken over de toekomst. Je weet al waar het toe leidt! Dat geeft je meer vrijheid om te zeggen wat je denkt, al heb ik die vrijheid altijd gehad. Sinds 1971 ben ik een zelfstandig schrijver.

Vraag: Gezien het feit dat er teveel van alles is… bent u optimistisch over de toekomst van de mensheid?

A. Om verschillende redenen staan ​​ons uitdagende tijden te wachten: de demografische tijdbom, de aantasting van het milieu, het grote smelten van het ijs en de opwarming van de aarde (wat geen goed nieuws is voor Spanje). Ook de mogelijkheid dat iemand triggerhappy wordt met de atoombom en daadwerkelijk op de knop drukt.

Vraag: Weet u nog dat dat bijna gebeurde…

A. Tijdens de Cubaanse rakettencrisis [in 1962] studeerde ik Victoriaanse literatuur aan Harvard. We dachten dat we zouden worden opgeblazen terwijl we de poëzie van Tennyson bespraken.

V. In het boek ga je van het ene huis naar het andere. Heb je geteld in hoeveel mensen je hebt gewoond?

A. Nee. Ik heb deze sinds 1985. We hebben hem van een sekte gekocht. Daarvoor woonden we in een gebouw waarvan ze zeiden dat het een fantoom had...

V. Heb je het gezien?

A. Nee. Blijkbaar was het een vrouw in een blauwe jurk wier verhaal ging over het verlies van een baby. We hebben geprobeerd het te traceren in de archieven, maar we konden niets vinden. Toen we jong waren, waren we met niet genoeg mensen om in de behoeften van de babyboom te voorzien. Het was dus vrij gemakkelijk om aan een baan te komen. Dat is de reden waarom kinderen van de Grote Depressie zo lvervelend. Toen kwam de babyboom. Ik ben pre-hippie...

Q. Maar je hebt LSD geprobeerd.

A. Ja, ik vond het saai.

V. En hoe zit het met ayahuasca? In het boek vermeld je dat een vriend je onlangs heeft uitgenodigd om het te proberen...

A. Nee, ook al stelde hij het heel krachtig voor. Braken is niet mijn ding.

Vraag: Aan het begin van uw memoires betoogt u dat elke schrijver een dubbelleven leidt.

A. Elke schrijver heeft een dubbelleven, degene die leeft en degene die schrijft, inclusief jij.

V. Correspondenten in de Verenigde Staten hebben alleen het exemplaar dat Trump ons toestaat.

A. Ik zal je een heel bizarre gedachte geven. Gezien onze leeftijd had ik zijn oppas kunnen zijn. Ik zou dertien zijn geweest toen hij zeven was.

V. Misschien had u kunnen bijdragen aan het verbeteren van de wereld.

A. Het zou zeker voldoende zijn geweest om enkele leerzame verhalen met hem te delen...

V. Is het schrijven van een memoires een manier om het laatste woord te hebben?

A. Je hebt nooit het laatste woord. Dat zou je inmiddels moeten weten. Of lees je de brieven aan de redacteur niet?

V. Ik dacht aan de Canadese schrijfster Alice Munro en het schandaal – dat u zich herinnert in uw boek en dat uitbrak na de dood van Munro – toen bekend werd dat haar man een pedofiel was die haar dochter had aangevallen en dat zij de andere kant op keek. Denk je dat als Munro haar autobiografie had geschreven, ze zichzelf had kunnen rechtvaardigen?

A. Dat kon ze niet. Veel eerder dan mensen denken, misschien in 2005, werd bij haar dementie vastgesteld. Niemand wist het totdat het heel duidelijk werd. Dus nadat Gerry [Fremlin, haar man] stierf, beseften we dat ze het verborgen had gehouden. Tegen de tijd dat ze de Nobelprijs ontving [in 2013] wist ze niet eens meer wie ze was.

V. Heeft u het idee opgegeven om de Nobelprijs te winnen?

A. Ik heb het nooit gehad. Ik veronderstel dat ik een te controversiële kandidaat was, en daarna te oud werd: 80 is waarschijnlijk de limiet om te winnen.

V. Vindt u het vervelend dat deze prijs wordt gepresenteerd als iets dat de favorieten elk jaar verliezen?

A. Je kunt een literaire prijs niet verliezen. Prijzen zijn voor degenen die ze geven, en niet voor degenen die ze ontvangen.

V. Het is veertig jaar geleden dat u The Handmaid’s Tale publiceerde, en in Trumps Washington verkleden demonstranten zich als personages uit Gilead, de dystopische en onderdrukkende wereld voor vrouwen die u zich had voorgesteld…

A. Toen we de film kort na de val van de Muur in het oostelijke deel van Berlijn in première brachten, zeiden mensen tegen ons: “Dit was ons leven.” Toezicht is wat totalitaire regimes definieert. En deze wapens voor bevolkingscontrole zijn de afgelopen veertig jaar enorm verbeterd. Kan dat in de Verenigde Staten gebeuren? Ik denk het niet, en ik ben geneigd om er ‘nog’ aan toe te voegen. Trump en zijn volk zijn niet zo goed georganiseerd. En nogmaals, ik aarzel om ‘nog’ toe te voegen.

Vraag: In uw memoires maakt u duidelijk dat u de inspiratie voor The Handmaid’s Tale niet achter het IJzeren Gordijn zocht, maar in de Verenigde Staten…

A. Dat klopt: in het zeventiende-eeuwse puritanisme. Alle dictaturen die we kennen hebben een opperste leider. Waarom Gilead niet? Omdat het een samenleving is die geregeerd wordt door religie en de kerk…

V. Er zijn mensen in Washington die de idealen waarop de Verenigde Staten zijn gegrondvest nieuw leven willen inblazen – idealen die volgens hen het lot van de natie moeten blijven bepalen.

A. Christelijk nationalisme is een contradictio in terminis. Het christendom wordt verondersteld een universele religie te zijn. Het is nog erger als je het bijvoeglijk naamwoord ‘wit’ toevoegt. Een groot deel van de christenen woont in Afrika.

Vraag: Hoe ziet u de heropleving van traditionele waarden die worden gepromoot door figuren als de vermoorde MAGA-activist Charlie Kirk en verdedigd door zijn jonge volgers? Het traditionele gezin, de superioriteit van het Westen, het idee dat voortplanting het lot van de vrouw is...

A. Het christendom emancipeerde in het begin feitelijk voor vrouwen, en veel van de vroege aanhangers ervan waren vrouwen. Ik hoop dat christelijke nationalisten zich de reden herinneren waarom de Founding Fathers kerk en staat scheidden, een scheiding die ze nu ongedaan willen maken. Ze wisten wat de factieoorlogen binnen het christendom hadden teweeggebracht in het Europa waarnaar ze waren gevlucht.

Vraag. In het boek definieer je een middenweg tussen dystopie en utopie – ‘Ustopia’. Het kan mijn professionele vooringenomenheid zijn, maar vanuit de Verenigde Staten is het moeilijk om dat niet te lezen als VS-topie, een Amerikaanse utopie. U beschrijft het als “een periode van chaos die het mogelijk heeft gemaakt dat een sterke regering, die in staat is de leiding te nemen, de macht kan grijpen.” Dacht je aan Trump?

A. Natuurlijk zou hij dat graag willen bereiken. Hij werkt onvermoeibaar aan het afschaffen van democratische grondslagen zoals de scheiding der machten. En veel mensen voldoen daar bij voorbaat aan. Het doet me denken aan die showprocessen in de jaren veertig in de Sovjet-Unie, waar de verdachten niet eens wisten waarvan ze beschuldigd werden en toch schuldig pleitten.

V. Vond je het einde van de serie The Handmaid’s Tale leuk?

A. Laten we zeggen dat ik nog geen tijd heb gehad om ernaar te kijken. Ik wil er eigenlijk niets over zeggen.

V. Was het altijd duidelijk?dat je geen controle zou hebben over waar het verhaal naartoe zou gaan?

A. Geen enkel productiebedrijf zou een schrijver vetorecht geven. Ze zouden gek zijn om dat te doen. Ik tekende in de jaren tachtig een contract waarin de televisierechten waren opgenomen, maar toen geloofde niemand dat een boek als dit ooit een serie zou worden. Het vergde streaming en de mogelijkheid om verhalen langer dan 100 minuten te vertellen. Vanaf het tweede seizoen begonnen ze zelf dingen te verzinnen. Ze volgden wel een regel die ik mezelf opleg als ik schrijf: neem nooit iets op in de plot dat op een bepaald moment in de menselijke geschiedenis niet is gebeurd.

V. Over dingen gesproken die nog niet eerder waren gebeurd: hoe heeft u de aanvallen van Trump op Canada ervaren? Hebben ze bij u een sluimerend nationalisme wakker gemaakt?

A. Nee. Ik heb dit eerder meegemaakt. Eind jaren zestig en tachtig, toen we vochten tegen onze afhankelijkheid van de Verenigde Staten. In de jaren zestig wilden we culturele basisinstellingen oprichten; ze bestonden niet. Toen een uitgever mij vertelde dat ik een agent nodig had, had ik geen idee wat dat was… Nu is de afwijzing van Trump sterker, maar fundamenteel is de relatie hetzelfde. We worden gescheiden door een van die eenrichtingsspiegels: wij kunnen hen zien, maar zij kunnen ons niet zien.

V. Boycotten jullie Amerikaanse producten?

A. We zijn allemaal begonnen met het lezen van de etiketten, maar ik zou het geen boycot willen noemen, maar eerder weloverwogen beslissingen nemen.

V. De Canadese auteur Louise Penny besloot haar boek niet in de Verenigde Staten te promoten. Ga jij hetzelfde doen?

A. Ik ga maar naar twee steden, maar dat komt omdat ik te oud ben om aan een van die rondreizen te beginnen die ik vroeger maakte. Canadezen hebben daar veel vrienden en familieleden, maar ze reizen niet meer naar de Verenigde Staten. Mensen zijn bang om aan de grens tegengehouden te worden.

V. Bent u het eens met degenen aan de rechterkant die de dood van ‘wakkerheid’ vieren?

A. Ik denk dat het vrijwel dood is, ja. Als we het hebben over automatische annuleringscultuur op sociale media, gebeurt dit minder; mensen werden het zat. Voor iemand van mijn generatie, de generatie van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, was het nooit een goed idee om te doen als de Hartenkoningin uit Alice in Wonderland, eerst een vonnis te vellen en daarna een rechtszaak te voeren. Als je de geschiedenis van hekserij bestudeert, is het hetzelfde. Eerst werden ze veroordeeld en daarna moesten ze bewijzen dat ze geen heksen waren.

Vraag: U heeft gezegd dat mensen u altijd als een heks hebben beschouwd... Gebeurt dat nog steeds nu u een eerbiedwaardige legende van de wereldliteratuur bent?

A. Nu ben ik de goede heks uit The Wizard of Oz. Oudere vrouwen mogen maar twee dingen zijn: wijze oude vrouwen of slechte oude heksen. Soms allebei tegelijk...

Vraag: In uw memoires vertelt u anekdotes – zoals die van een vrijer die u lastigviel – die vandaag de dag heel anders zouden worden gelezen. Geloof jij in het kijken naar het verleden door de ogen van het heden?

A. We kunnen er niets aan doen. Wat we niet kunnen doen is het verleden zien met de ogen van iemand die veel jonger is dan jij. Je kunt luisteren naar wat ze te zeggen hebben, maar je zult niet noodzakelijkerwijs intuïtief weten wat zo iemand zou denken, net zomin als zij intuïtief kunnen weten wat jij gaat denken.

V. Zoals die feministe die een ‘slechte feministe’ werd genoemd omdat ze Stephen Galloway verdedigde, de Canadese professor die beschuldigd werd van seksuele intimidatie… Zou u zeggen dat de beweging nu bijzonder verdeeld is? Ik denk aan de geschillen over transrechten...

A. Alle bewegingen door de geschiedenis heen hebben interne machtsstrijd gekend, van het christendom tot de bolsjewieken. Feminisme is niet anders. Het heeft zijn ups en downs gekend sinds de Franse Revolutie de slogan ‘Vrijheid, Gelijkheid, Broederschap’ koos … en niet studentenverenigingen [lacht].

Vraag: Op welk punt dachten mensen niet meer dat je een schrijfster voor vrouwen was?

A. Toen ik begon, werden er in Canada geen romans gepubliceerd; het was te duur, dus poëzie was het belangrijkste expressiemiddel. Meer dan mannen of vrouwen waren we Canadese schrijvers. We creëerden een uitgeversnetwerk en de roman stond centraal. Toen kwam de tweede golf van feminisme, en toen begonnen de meningsverschillen. Ik moest tegen de krantenredacteuren zeggen dat ze mij niet alleen boeken van vrouwen mochten sturen, en er waren mannen die geen boeken van vrouwen wilden recenseren, uit angst als vrouwonvriendelijk te worden beschouwd. In de jaren tachtig kregen we te maken met een terugslag van het feminisme uit de jaren zeventig. De jaren negentig waren een tijd van anarchie, en feminisme was geen woord in de uitgeverij. In de 21e eeuw arriveerden de derde en vierde golf. Op dit moment denk ik niet dat het een goed moment is voor feministische schrijvers, omdat mensen zich hebben afgekeerd van de #MeToo-beweging. Het is hetzelfde oude verhaal: de slinger van de geschiedenis. De sweet spot ligt in het midden, maar is ook het moeilijkst te verdedigen: je wordt van beide kanten aangevallen.

Vraag: U hebt de dood van uw man nooit in literatuur willen veranderen. Hij leed aan dementie en stierf aan een longontsteking in een hotelkamer in Londen, terwijl u daar uw nieuwste roman, The Testaments, promootte. Deze omstandigheden hadden een vwaardevolle bijdrage aan de literatuur over rouw... Was het moeilijk om daarover te schrijven in je memoires?

A. Nee, want het was niet de eerste keer. Ik schreef de nieuwe inleiding voor zijn nachtkastje met vogels, en ik schreef een pamflet over samen gaan vogelen voor een stichting die we hadden opgericht. Daar gaat mijn memoires ook over, over de vele dingen in het leven die je niet anders kunt dan accepteren.

Q. Ga je zonder hem vogelen?

A. O ja. We bouwen momenteel een centrum op een plaats genaamd Pele Island. Ieder voorjaar komen we daar samen om getuige te zijn van de vogeltrek.

Vraag: Beschouwt u uzelf meer als een romanschrijver dan als een dichter, of gewoon als een schrijver?

A. Dat zou ik niet zomaar zeggen. Ik zou ook zeggen. Als ik de voorkeur zou geven aan het een of het ander, zou ik alleen dat doen.

V. Bent u van plan een nieuwe roman te schrijven?

A. Dat zal ik je nooit vertellen. Ik laat niemand iets zien totdat het klaar is.

Vraag: Aan het einde van Book of Lives lijkt u zich niet erg zorgen te maken over het idee van doodgaan.

A. Heb ik een keuze?

Vraag: Niemand van ons doet dat, maar sommigen schijnen er meer bang voor te zijn dan anderen…

A. De dood maakt mensen van jouw leeftijd bang. Een Duitse kunstenaar maakte een fotoproject op begraafplaatsen en interviewde schrijvers over de dood. Hij vertelde mij dat jongeren daar geen bezwaar tegen hadden. De ouderen ook niet. Het waren degenen er tussenin die het niet wilden doen. Ik ben niet blij met het vooruitzicht, maar ik heb er vrede mee (bron: https://english.elpais.com/culture/2025-11-08/margaret-atwood-older-women-are-only-allowed-to-be-two-things-wise-old-women-or-wicked-old-witches.html)


Reacties

Populaire posts van deze blog

Het grootste bordeel van Europa

Typisch Spaans: Balay

Wat doet een Chief Economist - Officer?