De H van ...

De H in "de" Latijnse Citaten: 

  • Haat, hart, hartstocht, hebzucht, Heer, heerszucht, Hemel, Herinnering, Hoop, en Horen.

Deze "H" is natuurlijk anders dan de oorspronkelijk letter en het woord waar deze in ontstaan is, zoals Heer, dat meestal tot iets met "Domino" terug te herleiden is, maar ook God kan betekenen in het christelijke Latijn.

Hopen / hoop 

  • 418 Est magni sperare magna - Het is een grote geest eigen op grote dingen te hopen.
  • 1139 Nil desperandum Deo duce - Studentencorps V.U. Amsterdam Aan niets wanhopen; wanneer God leidsman is. cf. HORATIUS; Oden 1. 7. 27
  • 2050 Una salus victis; nullam sperare salutem - Eén (kans op) behoud is er voor overwonnenen: op geen behoud te hopen. VERGILIUS; Aeneis 2. 354
  • ... 
  • 51 Aegroto; dum anima est; spes esse dicitur - Zolang er leven is; is er hoop voor een zieke; zegt men. CICERO; Ad Atticum 9.10.3
  • 193 Cavete; patres conscripti; ne spe praesentis pacis perpetuam pacem amittatis - Weest voorzichtig; heren senatoren; dat gij niet door de hoop op een onmiddellijke vrede een duurzame vrede verliest. CICERO; Philippicae 7. 8. 25
  • 296 Desine fata deum flecti sperare precando - Geef de hoop op door uw smeken de beschikkingen der goden te veranderen. VERGILIUS; Aeneis 6. 376
  • 374 Dum spiro; spero - Zolang ik adem; hoop ik Spreuk van GOMARUS + 1641
  • 658 Immortalia ne speres; monet annus et almum quae rapit hora diem - Hoop niet op onsterfelijkheid; zo maant het jaar en het uur; dat de zegenende dag snel meevoert. HORATIUS,; Oden 4. 7. 7
  • 695 In rebus asperis et tenui spe fortissima quaeque consilia tutissima sunt - In hachelijke en weinig hoopvolle omstandigheden zijn de koen- ste plannen de zekerste. LIVIUS; Ab urbe condita 25. 38
  • 702 In te; Domine; speravi; non confundar in aeternum! - Op u; Heer; heb ik gehoopt; laat ik niet voor eeuwig beschaamd worden! Psalm 70 (Vulgata)
  • 742 Inveni portum; spes et fortuna valete; nil mihi vobiscum; ludite nunc alios -  Ik heb de haven gevonden; hoop en fortuin; vaarwel! Niets heb ik meer met u te maken; fopt nu anderen! Grafschrift 
  • 769 Ita major est muneris gratia quo minus diu pependit - Des te groter is de dank voor een geschenk; naarmate het minder lang is afgewacht. SENECA; De beneficiis 2.5.3 cf. Spreuken 13. 12: De uitgestelde hoop krenkt het hart
  • 936 Melior tutiorque est certa pax quam sperata victoria; haec in tua; illa in deorum manu est - Beter en veiliger is een zekere vrede dan een gehoopte overwinning; de eerste ligt in uw handen; de laatste in die der goden. LIVIUS; Ab urbe condita 30. 30. 19
  • 969 Minus habeo quam speravi; sed fortasse plus speravi quam debui - Minder heb ik dan ik hoopte; maar misschien hoopte ik meer; dan ik had moeten doen. SENECA; De ira 3. 30. 3
  • 1159 Noli affectare quod tibi non est datum; delusa ne spes ad querelam recidat - Streef niet naar wat u niet is gegeven; opdat teleurgestelde hoop bij u niet uitloopt op klagen. PHAEDRUS; Fabulae 3. 18. 14
  • 1274 O fallacem hominum spem fragilemque fortunam! - O bedrieglijke hoop der mensen en broze fortuin! CICERO; Orator 7
  • 1498 Propemodum saeculi res in unum illum diem fortuna cumulavit - Bijna heeft de Fortuin de gebeurtenissen van een eeuw op die éne dag opgehoopt. CURTIUS RUFUS; Historiae Alexandri Magni Macedonis 4. 16. 10
  • 1618 Quis ignorat maximam illecebram esse peccandi impunitatis spem? - Wie weet niet dat de hoop op straffeloosheid het meest aan- lokt om te zondigen? CICERO; Pro Milone 16. 43
  • 1753 Saepe pluris fiunt sperata quam possessa - Hoger schat men vaak dat waarop men hoopt dan wat men bezit. PETRARCA; Epistulae de rebus familiaribus 7. 10
  • 1772 Sapientes pacis causa bellum gerunt; laborem spe otii sustentant - Wijze lieden voeren oorleg ter wille van de vrede; de moeiten getroosten zij zich in de hoop op rust.
  • 1903 Spem successus alit - Succes geeft voedsel aan de hoop
  • 1904 Spem voltu simulat - Op zijn gelaat veinst hij hoop VERGILIUS; Aeneis 1. 209
  • 1905 Spemque metumque inter dubii - Aarzelend tussen hoop en vrees VERGILIUS; Aeneis 1. 217
  • 1906 Sperat infestis; metuit secundis alteram sortem bene praeparatum pectus - Bij tegenspoed hoopt; bij voorspoed vreest het hart; dat door wijze leefregels (voor het leven) is voorbereid; het tegenge- stelde lot. HORATIUS; Oden 2. 10. 13 infestis; secundis: dat. of abl.
  • 1907 Speravimus ista; dum fortuna fuit - Daarop hebben wij gehoopt; zolang er nog gelukkige omstanheden waren. VERGILIUS; Aeneis 10. 42
  • 1909 Spes et amor duo sunt calcaria fortia; quae nos audaces faciunt; contemptoresque laboris - Hoop en liefde zijn twee krachtige prikkels; die ons stout- moedig maken; niet lettend op inspanning. PALINGENIUS; Zodiacus vitae; Capricornus 529
  • 1927 Suave est ex magno tollere acervo - Het is prettig van een grote hoop af te nemen. HORATIUS; Satirae 1. 1. 51
  • 1980 Tantum quisque laudat; quantum se posse sperat imitari - Ieder prijst (slechts) zoveel; als hij hoopt te kunnen navolgen. CICERO; Orator 24
  • 2172 Vitae summa brevis spem nos vetat incohare longam - De korte duur van het leven verbiedt ons hoop te koesteren op lange termijn (weit hinaus zu hoffen)
  • (de afbeelding (Tattoo / Amazon, dim spiro spero, zolang ik adem, zal ik hopen, staat er niet bij)

Horen:

  • "776 Jam istuc 'aliquid fiet' metuo Psalm 54. 23 (Vulgata) - Ik ben al bang bij het horen van dat: ""er staat iets te gebeuren. PLAUTUS; Mercator 494"
  • 1082 Neminem cito laudaveris; neminem cito accusaveris: semper puta te coram diis testimonium dicere - Men moet niet te vlug prijzen; niet te vlug veroordelen: bedenk steeds; dat gij uw oordeel uitspreekt ten aanhoren van de goden. SENECA; De moribus 76
  • 1711 Reparabit cornua Phoebe - De maangodin zal haar horens weer aanvullen. Devies van Walter Scott † 1832 m.a.w. na regen komt zonneschijn cf. OVIDIUS; Metamorphoses 1. 11
  • 1865 Sic vive cum hominibus; tamquam deus videat; sic loquere cum deo; tamquam homines audiant - Leef zo met uw medemensen; alsof god het ziet; spreek zo met god; alsof de mensen het horen. SENECA; Epistulae 10. 5
  • 1878 Singula quaeque locum teneant sortita decenter - Iedere soort (poëzie) moet zich naar behoren houden aan haar eigen; als bij loting toegewezen terrein. HORATIUS; De arte poètica 92 Each has its place allotted; each is bound to keep it; nor invade its neighbour's ground


Herinnering:

  • 434 Et praeteritorum recordatio est acerba et acerbior exspectatio reliquorum. Itaque omittamus lugere Bitter is de herinnering aan het verledene; bitterder nog de af- wachting van wat komen zal. Daarom; laat ons droefheid ter zijde stellen. CICERO; Brutus 76. 266
  • 444 Ex omnibus praemiis virtutis; si esset habenda ratio praemiorum; amplissimum esse praemium gloriam ad- dit; esse hanc unam; quae brevitatem vitae posteritatis memoria consolaretur; quae efficeret; ut absentes ades- semus; mortui viveremus; hanc denique esse; cujus gra- dibus etiam homines in caelum viderentur ascendere - Hij voegt eraan toe; dat van alle beloningen; die de deugd geeft als wij de beloningen zouden moeten afwegen - de rijkste belo- ning is de roem. Die alleen kan ons over de korte levensduur troosten door de herinnering van het nageslacht; die bewerken kan; dat wij; hoewel afwezig; toch tegenwoordig; en dood zijnde; toch in leven zijn; kortom; deze is het; langs welks treden ook mensen schijnen op te stijgen naar de hemel. CICERO; Pro Milone 97
  • 487 Feminis lugere honestum est; viris meminisse - Aan vrouwen strekt droefheid tot eer; aan mannen herinnering. TACITUS; Germania 27
  • 526 Fortunati ambo! si quid mea carmina possunt; nulla dies unquam memori vos eximet aevo - Gelukkig vriendenpaar! Indien mijn verzen iets vermogen; dan zal geen dag ooit verlopen zonder de herinnering aan u. VERGILIUS; Aeneis 9. 446 'Blest pair! if aught my verse avail: no day shall make your memory fail from off the heart of time'
  • 578 Hic ubi cor patriae monumentum cordibus intus quod gestant cives spectet ad astra Dei - Moge hier; waar het hart van het vaderland is; een herinnering; die in het diepst van het hart de burgers dragen; opzien naar de sterren van God.  Distichon op her Nationale Monument op de Dam; Amsterdam
  • 763 Istaec commemoratio quasi exprobratio est immemori benefici - Die herinnering is als het ware een verwijt aan iemand; die een weldaad vergeten is. TERENTIUS; Andria 43
  • 785 Jucundiorem faciet libertatem servitutis recordatio - De herinnering aan de slavernij zal de vrijheid te aangenamer doen zijn. CICERO; Philippicae 3. 14. 36
  • 1011 Multi sunt obligandi; pauci offerendi; nam memoria beneficiorum fragilis est; injuriarum tenax - Velen moet men aan zich verplichten; weinigen voor het hoofd stoten; want de herinnering aan weldaden is broos; aan bele- digingen taai.  SENECA; De moribus 128
  • 1615 Quis est nostrum liberaliter educatus; cui non educatores cum grata recordatione in mente versentur? - Wie onzer; die een beschaafde opvoeding heeft ontvangen; zwe- ven niet zijn opvoeders in dankbare herinnering voor de geest? CICERO; Pro Plancio 81
  • 1634 Quo vadis? - Waarheen gaat gij? Volgens de legende vroeg de uit Rome vluchtende Petrus dit aan Christus; die hij op zijn vlucht ontmoette. Ter herinnering aan deze ontmoeting werd aan de Via Appia het Quo-vadis-kerkje gebouwd.
  • 1928 Suavis laborum est praeteritorum memoria - Aangenaam is de herinnering aan voorbijgegane moeiten. CICERO; De finibus bonorum et malorum 2. 32. 105
  • 2170 Vita mortuorum in memoria est posita vivorum - Het leven der gestorvenen is neergelegd in de herinnering der levenden. CICERO; Philippicae 9. 5. 10


Hemel (s):

  • 123 Augur; schoenobates; medicus; magus: omnia novit Graeculus esuriens; in caelum jusseris; ibit - Waarzegger; koorddanser; arts; tovenaar: van alle markten is ons hongerig Griekje thuis; zeg hem naar de hemel te klimmen; en hij gaat. [novisse = kennen] JUVENALIS; Satirae 3. 76
  • 139 Ave; maris stella; Dei mater alma; atque semper virgo; felix caeli porta - Wees gegroet; ster der zee; zegenrijke Moeder Gods; en altijd maagd; gelukkige poort des hemels. Hymne uit de 9de eeuw
  • 179 Caelesti sumus omnes semine oriundi - Wallen innan hemelse oorsprong. LUCRETIUS; De rerum natura 1.990
  • 180 Caeli enarrant gloriam Dei - De hemelen vertellen Gods eer [caelus (kerklatijn) = caelum] Psalm 18 (Vulgata)
  • 240 Crede mihi; miseris caelestia numina parcunt; nec semper laesos et sine fine premunt - Geloof mij; de hemelse machten sparen ongelukkigen; en niet altijd en eindeloos vervolgen zij hen; die zij getroffen hebben. OVIDIUS; Epistulae ex Ponto 3. 6. 21
  • 321 Difficile est satiram non scribere - Het is moeilijk geen satire te schrijven (bij zulke hemeltergen- de toestanden) JUVENALIS; Satirae 1. 30
  • 361 Duae sunt viae; per quas humanam vitam progredi necesse est; una; quae in caelum ferat; altera; quae ad in- feros deprimat - Twee wegen zijn er; waarover het menselijk leven noodzakelijk voortgaat: de ene; die ten hemel leidt; de andere; die afvoert naar de onderwereld (bel). LACTANTIUS; Divinae institutiones 6. 3
  • 444 Ex omnibus praemiis virtutis; si esset habenda ratio praemiorum; amplissimum esse praemium gloriam ad- dit; esse hanc unam; quae brevitatem vitae posteritatis memoria consolaretur; quae efficeret; ut absentes ades- semus; mortui viveremus; hanc denique esse; cujus gra- dibus etiam homines in caelum viderentur ascendere - Hij voegt eraan toe; dat van alle beloningen; die de deugd geeft als wij de beloningen zouden moeten afwegen - de rijkste belo- ning is de roem. Die alleen kan ons over de korte levensduur troosten door de herinnering van het nageslacht; die bewerken kan; dat wij; hoewel afwezig; toch tegenwoordig; en dood zijnde; toch in leven zijn; kortom; deze is het; langs welks treden ook mensen schijnen op te stijgen naar de hemel. CICERO; Pro Milone 97
  • 503 Flectere si nequeo superos; Acheronta movebo - Indien ik de hemelgoden niet van hun plannen kan afbrengen; dan zal ik de onderwereld in beroering brengen. VERGILIUS; Aeneis 7. 312  Aldus de godin Juno; vijandig aan Aeneas; de Acheron is een rivier in de onderwereld
  • 590 Hoc vince! - Overwin hierdoor! EUSEBIUS; Vita Constantini 1. 28 Op het teken des kruises; dat keizer Constantijn aan de hemel meende te zien
  • 631 Idem semper erit; quoniam semper fuit idem. Non alium videre patres aliumve nepotes aspicient: deus est; qui non mutatur in aevo - Altijd zal hij (de sterrenhemel) dezelfde zijn; aangezien hy altijd dezelfde geweest is. Geen andere hebben onze paders gezien; en geen andere zullen onze kleinkinderen aanschouwen: hij is god; die in eeuwigheid niet verandert. MANILIUS; Astronomica 1. 321
  • 761 Ista est summa sapientia: per contemptum mundi tendere ad regna caelestia - Dat is de hoogste wijsheid: door de verachting der wereld heen; te streven naar de hemelse landen. THOMAS A KEMPIS; De imitatione Christi 1. 1. 4 762 Ista parentum est vita vilis liberis: ubi malunt metui quam vereri se ab suis - Dat leven der ouders is voor hun kinderen van weinig waarde; wanneer zij liever door de hunnen gevreesd dan geëerd willen worden. AFRANIUS
  • 765 It clamor caelo - Het geschreeuw stijgt ten hemel (caelo = in caelum). VERGILIUS; Aeneis 5. 451
  • 929 Me doctarum hederae praemia frontium dis miscent superis - Mij plaatst de klimopkrans; die het voorhoofd der dichters siert; onder de hemelgoden. HORATIUS; Oden 1. 1. 29
  • 1378 Panis angelicus fit panis hominum; dat panis caelicus figuris terminum. O; res mirabilis: manducat Domi- num pauper; servus et humilis! - Het brood der engelen wordt brood der mensen; het brood des hemels maakt een einde aan de voorafbeeldingen (onder het Oude Testament). O wondervolle gebeurtenis: de arme; de slaaf; de geringe eet zijn Heer!
  • 1596 Quid; si nunc caelum ruat? - Wat; als nu de hemel eens instort? TERENTIUS; Heautontimorumenos 719
  • 1622 Quis scit an adjiciant hodiernae crastina summae tempora di superi? - Wie weet; of de hemelgoden hem bij het totaal (der dagen) van heden nog de tijd van morgen zullen toevoegen? HORATIUS; Oden 4. 7. 17
  • 1641 Quod est ante pedes nemo spectat: caeli scrutantur plagas - Wat voor zijn voeten ligt; daar kijkt niemand naar: de hemel- streken doorzoekt men. ENNIUS; Iphigenia
  • 1743 Romae rus optas; absentem rusticus urbem tollis ad astra levis Te Rome begeert gij het land; als gij 'buiten' woont; dan ver- heft gij; oppervlakkige plattelander de stad hemelhoog. HORATIUS; Satirae 2. 7. 28 cf. Quia Romae Tibur amem ventosus; Tibure Romam - Omdat ik te Rome van Tibur houd; wispelturig als ik ben; en te Tibur van Rome
  • 1765 Sanctus; sanctus; sanctus Dominus Deus Sabaoth! Pleni sunt caeli et terra gloria tua. Hosanna in excelsis! Benedictus qui venit in nomine - Heilg; heilig; heilg Heer God Sabaoth! Hemelen en aarde in vol van uw roem. [Domini! Hosanna in den hge! Gezegend die komt in de naam des Lefrang uit het Ordinarium missae
  • 1824 Si fractus illabatur orbis; impavidum ferient ruinae - Indien het hemelgewelf barst en omlaag stort; zullen de puin- hopen vallen op een onverschrokken held. HORATIUS; Oden 3.3-7 Bricht krachend auch der Weltenbauzusammen; die Trüm- mer treffen doch ein Herz voll Mut.
  • 1968 Tam facile et pronum est superos contemnere testes; si mortalis idem nemo sciat - Zo gemakkelijk en voor de hand liggend is het de hemelgoden als getuigen te minachten; als geen sterveling hetzelfde weet. JUVENALIS; Satirae 13. 75
  • 1975 Tantaene animis caelestibus irae? - Waren de gemoederen der hemelingen zo verbitterd? VERGILIUS; Aeneis I. II
  • 2006 Tolluntur in altum; ut lapsu graviore ruant - Zij worden hemelhoog verheven om neer te storten met zwaar- der val. CLAUDIANUS; In Rufinum 1. 22
  • 2102 Veni Creator Spiritus mentes tuorum visita imple superna gratia quae tu creasti pectora. Qui Paraclitus diceris donum Dei altissimi; fons vivus; ignis; caritas et spiritalis unctio. Per te sciamus da Patrem; noscamus atque Filium; te; utriusque Spiritum credamus omni tempore. - Kom tot ons neer; o Schepper - Geest bezoek de zielen van uw gelovigen; vervul met hemelse genade de harten; die Gij geschapen hebt. Gij; die de Trooster wordt geheten; geschenk des allerhoogsten Gods; en gloed en liefde en levensbron; en die met geestelijke olie zalft. Laat ons door U de Vader kennen; leer ons Hem kennen en zijn Zoon; U; Geest van beiden uitgegaan; gelovig eren te allen tijd! Hymne van RHABANUS MAURUS † 8;6

Heerszucht:

  • 268 Cupido dominandi cunctis affectibus flagrantior est - Heerszucht is heftiger dan alle (andere) hartstochten. TACITUS; Annales 15.53

Heer:

  • 5 A se suisque orsus primum domum suam coercuit; quod plerisque haud minus arduum est quam provinciam regere - Bij zichzelf en de zijnen beginnend; wist hij allereerst zijn eigen familie te beheersen; wat zeer velen niet minder moeilijk valt dan een provincie te besturen. TACITUS; Agricola 19
  • 37 Ad te; Domine; clamabo - Tot U; Heer; zal ik roepen. Psalm 27 (Vulgata)
  • 91 Animo imperabit sapiens; stultus serviet - De wijze zal zijn hartstocht beheersen; de dwaas de slaaf ervan zijn. PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 109 Artes serviunt vitae; sapientia imperat - Wetenschappen dienen het leven; wijsheid beheerst het. SENECA; Epistulae 85. 32
  • 114 At mihi quod vivo detraxerit invida turba; post obitum duplici fenore reddit honos; omnia post obitum fingit majora vetustas: majus ab exsequiis nomen in ora venit - Maar my zal; na mijn dood; de verering met dubbele rente datgene schenken; wat een afgunstige bende mij bij mijn leven heeft onthouden; de late nakomelingschap maakt na mijn dood alles mooier; ja; na de uitvaart komt mijn naam verheerlijkt op ieders lippen. PROPERTIUS; Elegiae 4. 1. 21
  • 149 Bellum est sua vitia nosse - Het is heerlijk zijn eigen ondeugden te kennen. CICERO; Ad Atticum 2. 17. 2
  • 157 Benedic; anima mea; Domino; et omnia; quae intra me sunt; nomini 'sancto ejus! - Loof de Heer; mijn ziel; en al wat binnen mij is; zijn heilige naam! Psalm 102 (Vulgata)
  • 189 Casta ad virum matrona parendo imperat - De voor haar man kuise echtgenote heerst (in haar woning) door te gehoorzamen. PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 221 Consuetudo vicit: quae cum omnium domina rerum; tum maxime verborum est - Gewoonte is meesteres: zij voert zowel heerschappij over alle dingen; als met name over (de betekenis van) woorden. AULUS GELLIUS; Noctes Atticae 12. 13. 4 cf. verba valent usu
  • 268 Cupido dominandi cunctis affectibus flagrantior est - Heerszucht is heftiger dan alle (andere) hartstochten. TACITUS; Annales 15.53
  • 283 De profundis clamavi ad te; Domine: Domine; exaudi vocem meam - Uit de diepten roep ik tot u; o Heer; hoor mijn stem! Psalm 129 (Vulgata)
  • 305 Deus providebit - De Heer zal voorzien KEIZER MAXIMILIAAN II † 1576 cf. Providence; ook: Dominus providebit
  • 338 Divide et impera - Verdeel en heers MAXIMIANUS; Elegiae 1. 103 Taktiek; door verschillende heersers toegepast
  • 353 Domine; exaudi orationem meam; et clamor meus ad te veniat! - Heer; hoor mijn gebed; en mijn geroep kome tot u! Psalm 101 (Vulgata)
  • 354 Domine; fac me scire viam; per quam ambulem - Heer; doe mij de weg weten; langs welke ik moet gaan. - Op het standbeeld van Frederik Wilhelm van Brandenburg; +1688; echtgenoot van Louise Henriette; dochter van Prins Frederik Hendrik; cf. Psalm 118. 33 (Vulgata)
  • 355 Domine; refugium factus es nobis a generatione in generationem - Heer; gij zijt ons een toevlucht geweest van geslacht tot geslacht. Psalm 89 (Vulgata)
  • 356 Domine; salvum fac regem nostrum (salvam fac reginam nostram) - Heer; behoud onze koning (koningin)  R.k. kerkgezang
  • 357 Dominus mihi adjutor - De Heer is mijn helper. Wapenspreuk van kardinaal De Jong
  • 358 Dominus vobiscum (sit)! - De Heer zij met ulieden!
  • 362 Dulce bellum inexpertis - Heerlijk (lÿjkt) een oorlog aan hen; die er geen ervaring van hebben. (Titel van een geschrift van ERASMUS † 1536)
  • 367 Dulcis et alta quies; placidaeque simillima morti - Een heerlijke; diepe slaap; zeer gelijk aan een kalme dood. VERGILIUS; Aeneis 6. 522
  • 447 Exaltabo te; Domine; quoniam suscepisti me - Ik zal u; o Heer; verheerlijken; want gij hebt mij gered. Psalm 29 (Vulgata)
  • 482 Felicia dicas saecula; quae quondam sub regibus atque tribunis viderunt uno contentam carcere Romam - Gelukkig kan men de tijden noemen; die eens onder de heerschappij van de koningen en van de volkstribunen; een Rome zagen; dat met één kerker tevreden was. JUVENALIS; Satirae 3. 312
  • 558 Haec natura multitudinis est: aut servit humiliter; aut superbe dominatur; libertatem; quae media est; nec sibi parare modice nec habere sciunt - Dit is de aard der grote massa: of zij leeft in slaafse dienstbaarheid; of zij heerst als een tiran; de vrijheid; die daar tus- sen ligt; kan zij zich noch op gematigde wijze verwerven; noch weet zij die te genieten. LIVIUS; Ab urbe condita 24. 25.8
  • 661 Imperatorem ait (Vespasianus) stantem mori oportere - Vespasianus zeide; dat een veldheer staande moet sterven. SUETONIUS; Vespasianus 24
  • 663 Imperium facile his artibus retinetur; quibus initio partum est. Verum; ubi pro labore desidia; pro continentia et aequitate libido atque superbia invasere; fortuna si- mul cum moribus immutatur. De heerschappij wordt gemakkelijk gehandhaafd door die deug- den; waardoor zij aanvankelijk verworven is. Maar; wanneer voor inspanning lediggang; voor zelfbeheersing en billijkheid bandeloosheid en trotsheid zijn binnengedrongen; dan verandert tegelijk met de zeden ook de fortuin. SALLUSTIUS; Bellum Catilinae 2
  • 689 In multitudine populi dignitas regis (est) - In de menigte der onderdanen ligt des konings heerlijkheid.  Spreuken 14. 28
  • 702 In te; Domine; speravi; non confundar in aeternum! - Op u; Heer; heb ik gehoopt; laat ik niet voor eeuwig beschaamd worden! Psalm 70 (Vulgata)
  • 716 Inclina Domine aurem tuam et exaudi me; quoniam inops et pauper sum ego - Neig; Heer; uw oor en verhoor mij; aangezien ik behoeftig ben en arm. Psalm 85; 1 (Vulgata)
  • 717 Indigna digna habenda sunt; eru' quae facit - Het niet-gepaste; dat de heer doet; moet men voor gepast houden. PLAUTUS; Captivi 200 eru' = erus
  • 730 Inquietum est cor nostrum; donec requiescat in te Domine! - Onrustig is ons hart; totdat het rust vindt in U; o Heer! AUGUSTINUS; Confessiones 1. 1
  • 755 Ira furor brevis est: animum rege; qui nisi paret; imperat; hunc frenis; hunc tu compesce catena - Toorn is een korte razernij: beheers die hartstocht; want als die niet gehoorzaamt; dan heerst hij; die moet gij door teugels (als een paard); die moet gij door een ketting (als een hond) in toom houden. HORATIUS; Epistulae 1. 2. 62
  • 757 Iracundiam qui vincit; hostem superat maximum - Wie zijn toorn overwint; overwint zijn grootste vijand. cf. Spreuken 16. 2: Wie zijn geest beheerst; overtreft hem; die een stad inneemt
  • 775 Jacta super Dominum curam tuam; et ipse te enutriet - Werp in zorg op de Heer; en Hij zelf zal u voeden.
  • 783 Jubilate Deo; omnis terra; servite Domino in laetitia! - Juicht Gode; gij ganse aarde; dient de Heer met blijdschap! Psalm 99 (Vulgata)
  • 835 Lex universi est; quae jubet nasci et mori - Er is een wereldwet; die geboorte en dood beheerst. PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 853 Linquenda tellus et domus et placens / uxor; neque ha- rum; quas colis; arborum / te praeter invisas cupressos/ ulla brevem dominum sequetur - Gij moet verlaten uw landgoed; uw huis; un lieve vrouw; en van deze bomen; die gij plant; zal; na kortstondig bezit; geen enkele zijn heer volgen dan de gehate cypressen. HORATIUS; Oden 2. 14. 21
  • 871 Maecenas; atavis edite regibus; O et praesidium et dulce decus meum! - Maecenas; geboren uit koninklijke voorouders; o gij mijn beschermer en heerlijk sieraad! HORATIUS; Oden 1. 1. 1
  • 885 Magnificat anima mea Dominum Mijn ziel maakt groot de Heer. Het Magnificat; de lofzang van Maria; cf. Lukas 1. 46-55; behoort tot de cantica; die in de geschiedenis van de kerkzang een belangrijke plaats innemen naar hun succes.
  • 889 Magnus es Domine; et laudabilis valde; magna virtus tua et sapientiae tuae non est numerus - Groot zijt gij; o Heer; en zeer te prijzen; groot is uw kracht en uw wijsheid is mateloos. AUGUSTINUS; Confessiones 1. 1 cf. Psalm 145. 3 (Vulgata)
  • 925 Maximas vero virtutes jacere omnes necesse est; voluptate dominante - Ongetwijfeld moeten de grootste deugden het altijd afleggen als genietingen overheersen. CICERO; De finibus bonorum et malorum 2. 35. 117
  • 932 Media vita in morte sumus; quem quaerimus adjutorem nisi te Domine? Qui pro peccatis nostris juste irasceris.. - Beter is genodigd te worden op een groentemaaltijd waar de liefde; dan op het gebraad van een gemest kalf; waar de haat heerst. Spreuken 17. 15 Midden in het leven liggen wij in de dood. Wie zoeken wij als helper dan u; o Heer? Die u met recht vertoornt om onze zon- den. Begin van een stervenslied; zeker meer dan 1000 jaar oud; dit werd bij begrafenissen; bedeprocessies en vooral ook in de slag gezongen.
  • 973 Misericordiam et judicium cantabo tibi; Domine! - Van goedertierenheid en recht zal ik U zingen; Heer! Psalm 100 (Vulgata)
  • 974 Miserere mei; Deus; miserere mei; quoniam in te confidit anima mea - Erbarm U mijner; Heer; erbarm U mijner; want op U ver- trouwt mijn ziel. Psalm 56 (Vulgata)
  • 1114 Nescitis; qua hora Dominus veniet - Gij weet niet; op welk uur de Heer komen zal. cf. Mattheus 24. 42
  • 1168 Non assumes nomen Domini tui in vanum; nec enim habebit insontem Dominus eum; qui assumpserit no- men Domini Dei sui frustra - Gij zult de naam des Heren; uws Gods niet ijdel gebruiken; want de Heer zal hem niet voor onschuldig houden; die de naam des Heren; zijns Gods ÿdel zal hebben gebruikt. Exodus 20. 7 (Vulgata) assumere = aannemen; gebruiken frustra = zonder reden; ÿjdel
  • 1192 Non omnia eadem aeque omnibus; here; suavia esse scito - Gij moet weten heer; dat niet voor alle mensen altijd hetzelfde even aangenaam is. PLAUTUS; Asinaria 641
  • 1249 Nullius boni sine socio jucunda possessio est - Het bezit van iets heerlijks is nooit aangenaam zonder deel- genoot. SENECA; Epistulae 6. 4
  • 1261 Numquam imperator ita paci credit; ut non se praeparet bello - Nooit zal een veldheer zoveel vertrouwen stellen in een vrede; dat hij zich niet voorbereidt op een (volgende) oorlog. SENECA; De vita beata 26. 2
  • 1268 Nunc dimittis servum tuum; Domine; secundum verbum tuum in pace - Nu laat Gij; Heer; un dienstknecht gaan in vrede naar uw woord! Lukas 2. 29 Woorden van de grijze Simeon; toen hij het kind Jezus in zijn armen droeg
  • 1277 miserere mei! - O Jezus; erbarming! Heer; bevrijd mij! Heer; erbarm U over mij! Laatste woorden van DESIDERIUS ERASMUS; gestorven te Bazel 12 juli 1536 O magna vis veritatis; quae contra hominum ingenia; calliditatem; sollertiam; contraque fictas omnium in- sidias facile se per se ipsa defendat! - O verheven kracht der waarheid; die tegen alle vindingrijk- heid; geslepenheid en sluwheid van mensen en tegen aller goed voorbereide aanslagen in; zich gemakkelijk geheel op zichzelf zelf weet te verdedigen! CICERO; Pro Caelio 26. 63
  • 1280 O praeclarum diem; cum in illud divinum animorum concilium proficiscar cumque ex hac turba et collu- vione discedam! O heerlijke dag; wanneer ik naar die verheven bijeenkomst der zielen zal vertrekken; en wanneer ik weg zal gaan uit de chaos van deze grote massa! CICERO; De senectute 84
  • 1281 O quam cito transit gloria mundi! - O; hoe snel gaat voorbij der wereld heerlijkheid! THOMAS A KEMPIS; De imitatione Christi 1. 3. 6
  • 1307 Omne ignotum pro magnifico est - Alles; wat onbekend is; lijkt heerlijk. TACITUS; Agricola 30
  • 1378 Panis angelicus fit panis hominum; dat panis caelicus figuris terminum. O; res mirabilis: manducat Domi- num pauper; servus et humilis! - Het brood der engelen wordt brood der mensen; het brood des hemels maakt een einde aan de voorafbeeldingen (onder het Oude Testament). O wondervolle gebeurtenis: de arme; de slaaf; de geringe eet zijn Heer!
  • "1514 Pulchrum est digito monstrari et dicier: hic est! - Het is heerlijk; met de vinger te worden aangewezen; terwijl de mensen zeggen: 'daar heb je hem!'"" dicier = dici PERSIUS; Satirae 1. 28"
  • 1531 Quam invisa sit singularis potentia et miseranda vita; qui se metui quam amari malunt; cuivis facile intel- lectu fuit - Hoe gehaat een alleenheerschappy is en hoe beklagenswaar dig het leven van hen; die liever gevreesd dan bemind willen worden; is voor een ieder gemakkelijk te begrijpen. NEPOS; Dion 9
  • 1585 Quid est enim dulcius otio litterato? - Want wat is heerlijker dan vrije tijd voor studie! CICERO; Tusculanae disputationes 5. 36. 105
  • 1629 Quisquis bonus verusque Christianus est; Domini sui esse intellegat; ubicumque invenerit; veritatem - Een ieder; die een goed en waarachtig Christen is; moet inzien; dat de waarheid; waar hij die ook maar gevonden heeft; van zijn Heer is. AUGUSTINUS; De doctrina Christiana 2. 28
  • 1700 Regis ad exemplar - Naar 's konings voorbeeld CLAUDIANUS; De quarto consulatu Honorii 299 m.a.w. Zo heer; zo knecht
  • 1704 Regum ducumque clementia non in ipsorum modo; sed etiam in illorum qui parent; ingeniis sita est - De achtmoedigheid van koningen en veldheren hangt niet alleen af van hun eigen inborst; maar ook van hen die bun ge- heergamen. CURTIUS RUFUS; Historiae Alexandri Magni Macedonis 8. 8. 8
  • 1763 Salvum me fac Deus; quoniam intraverunt aquae usque ad animam meam - Behoud mij; Heer; want de wateren zijn tot aan mijn ziel gekomen
  • 1765 Sanctus; sanctus; sanctus Dominus Deus Sabaoth! Pleni sunt caeli et terra gloria tua. Hosanna in excelsis! Benedictus qui venit in nomine - Heilg; heilig; heilg Heer God Sabaoth! Hemelen en aarde in vol van uw roem. [Domini! Hosanna in den hge! Gezegend die komt in de naam des Lefrang uit het Ordinarium missae
  • 1830 Si Jehova non aedificat domum; frustra laborant aedificantes eam - Als de Heer het huis niet bouwt; zwoegen de bouwlieden ver- geefs daaraan. Psalm 126. 1 (Vulgata) Opschrift op het huis 'Zum Ritter' in de Hauptstrasse te Heidelberg
  • 1952 Suspectum semper invisumque dominantibus; qui proximus destinaretur - Altijd is bij heersers verdacht en gehaat; wie tot naaste (opvolger) bestemd is.
  • 1984 Te Deum laudamus; Te Dominum confitemur; Te aeternum Patrem omnis terra veneratur. Tibi omnes angeli; Tibi coeli et universae potestates; Tibi Cherubim et Seraphim incessabili voce proclamant: Sanctus; sanctus; sanctus Dominus Deus Sabaoth - U; Heer; prijzen wij; U; Heer; loven wij; U; eenige Vader aanbidt de ganse aarde. U ter ere roepen alle engelen; alle he- melen en alle machten texamen; de Chersibijnen en de Serafy men in onafgebroken tonen ait: Heilig; heilig; heilig de Heer; God Sabarth. Begin van een lofgang van vermoedelijk oosterse oorsprong; bet eerst vermeld in de be ees
  • 2061 Usque quo Domine; oblivisceris me! - Tot hoe lang; Heer; zult gij mij vergeten! Psalm 12 (Vulgata)
  • 2072 Ut in corporibus; sic in imperio: gravissimus est morbus; qui a capite diffunditur - Zoals in het lichaam; zo ook in een heerschappij: die kwaal is het ergst; die zich verspreidt vanuit het hoofd. PLINIUS MINOR; Epistulae 4. 22
  • 2086 Ut vos nunc de vestris majoribus praedicatis; sic vestri posteri de vobis praedicabunt - Zoals gij nu met lof spreekt over uw voorouders; zo zullen un nakomelingen u verheerlijken. CICERO; Lex agraria 2. 84
  • 2106 Venite; exsultemus Domino; jubilemus Deo; salutari nostro! - Komt; springt op van vreugde voor de Heer; laten wij juichen voor onze God; die ons heilrijk is.
  • 2110 Verba mea auribus percipe Domine! - Neem; Heer; mijn woorden ter ore! Psalm 5 (Vulgata)
  • 2128 Vetera extollimus; recentiorum incuriosi - Wy verheerlyken het oude; en bekommeren ons minder om wat van jonger datum is. TACITUS; Annales 2. 88
  • 2150 Violenta nemo imperia continuit diu: moderata durant; quoque Fortuna altius evexit ac levavit humanas opes; hoc se magis supprimere felicem decet - Niemand heeft een heerschappij van geweld lang in stand kun- nen houden: een gematigd bestuur is blijvend; en naarmate de fortuin iemand in aanzien hoger heeft verheven; naar die mate moet de gelukkige zich meer inhouden.
  • 2193 Voce mea ad Dominum clamavi; voce mea ad Deum et intendit mihi - Ik riep met mijn stem tot de Heer; met mijn stem tot God en Hij heeft (zijn oor) tot mij gewend. Psalm 76 (Vulgata)

Hebzucht:

  • 86 Amor sceleratus habendi - Misdadige hebzucht. OVIDIUS; Metamorphoses 1. 131
  • 267 Cupiditati nihil est satis; naturae satis est etiam parum - Voor de hebzucht is niets genoeg; voor de natuur is ook te • weinig genoeg. SENECA; Ad Helvetiam matrem 10. II
  • 1254 Nullus argento color est avaris abdito terris - Geen glans heeft het zilver; zolang de aarde het hebzuchtig in haar schoot verbergt. HORATIUS; Oden 2. 2. 1

Hartstocht:

  • 91 Animo imperabit sapiens; stultus serviet - De wijze zal zijn hartstocht beheersen; de dwaas de slaaf ervan zijn. PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 268 Cupido dominandi cunctis affectibus flagrantior est - Heerszucht is heftiger dan alle (andere) hartstochten. TACITUS; Annales 15.53
  • 346 Docemur auctoritate legum domitas habere libidines - Wij leren door het gezag der wetten onze hartstochten in be- dwang te houden. CICERO; De Oratore 1. 194
  • 465 Facile est teneros adhuc animos componere; difficulter reciduntur vitia; quae nobiscum creverunt - Het is gemakkelijk nog jeugdige hartstochten te beteugelen; on- deugden; die mèt ons opgegroeid zijn; worden moeilijk uitgeroeid. SENECA; De ira 2. 18. 2
  • 755 Ira furor brevis est: animum rege; qui nisi paret; imperat; hunc frenis; hunc tu compesce catena - Toorn is een korte razernij: beheers die hartstocht; want als die niet gehoorzaamt; dan heerst hij; die moet gij door teugels (als een paard); die moet gij door een ketting (als een hond) in toom houden. HORATIUS; Epistulae 1. 2. 62
  • 778 Jam jam nulla viro juranti femina credat; nulla viri speret sermones esse fideles. Quis dum aliquid cupiens animus praegestit apisci; nil metuunt jurare; nihil promittere parcunt: sed simulac cupidae mentis satiata libidost; dicta nihil meminere; nihil perjuria curant. - Laat nooit één enkele vrouw aan de eed van een man geloven; niet één moet verwachten; dat zijn praatjes vertrouwen verdie- nen! Wanneer iemand uitermate verlangt en vurig begeert iets te verkrijgen; dan is hij nooit bang voor wat voor eed ook; dan is hij niet zuinig met zijn beloften: maar zodra de hartstocht van zijn begerig gemoed bevredigd is; dan denkt hij niet meer aan zijn beloften; dan bekommert hij zich in het geheel niet om CATULLUS; Elegiae 64. 143 zijn meineden. Quis = quibus sc. viris
  • 1397 Passio; non deus est amor; ast humana libido praetendit vitiis; nomen inane; suis - De liefde is hartstocht; geen god; maar de menselijke harts- tocht camoufleert zijn fouten door een ijdele naam. JANUS PANNONIUS; Epigrammata 1. 173
  • 1435 Perturbatio animi plerumque brevis est et ad tempus - Hartstocht duurt meestal maar kort; en voor een ogenblik. CICERO; De officiis 1. 8. 27 4145
  • 1612 Quis beatiorem quemquam putet quam eum; qui sit omni perturbatione animi liberatus? - Wie kan iemand gelukkiger achten dan hem; die van iedere hartstocht is bevrijd? CICERO; De republica 1. 28
  • 2019 Tu'si animum vicisti potius quam animus te; est quod gaudeas - Indien gij uw hartstocht hebt overwonnen; veeleer dan uw hartstocht u; is er reden om u te verblijden. PLAUTUS; Trinummus 2. 2. 29

Hart:

  • 91 Animo imperabit sapiens; stultus serviet - De wijze zal zijn hartstocht beheersen; de dwaas de slaaf ervan zijn. PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 111 Artibus ingenuis; quarum tibi maxima cura est; pectora mollescunt; asperitasque fugit - Door de edele kunsten; die uw voornaamste zorg uitmaken; ver- wekelijken de harten; en de gehardheid verdwijnt. OVIDIUS; Epistulae ex Ponto 1. 6. 7
  • 154 Bene non poterat sine puro pectore vivi - Men kon niet goed leven zonder een rein hart. LUCRETIUS; De rerum natura 5. 18
  • 230 Cor sapientis quaerit doctrinam - Het hart des wijzen zoekt wetenschap. Spreuken; 15. 14
  • 248 Crescunt difficili gaudia jurgio; accenditque magis; quae refugit; Venus. Quod flenti tuleris; plus sapit; osculum De genietingen (van verliefde harten) worden heftiger na een boze twist; en de liefde; die eerst wegvlucht; ontbrandt in ster- ker mate. De kus smaakt beter; als gij die aan een schreiend meisje hebt ontnomen. CLAUDIANUS; In nuptias Honorii et Mariae 4. 10
  • 268 Cupido dominandi cunctis affectibus flagrantior est - Heerszucht is heftiger dan alle (andere) hartstochten. TACITUS; Annales 15.53
  • 344 Dixit insipiens in corde suo: non est Deus - De dwaas zegt in zijn hart: er is geen God. Psalm 13 52 (Vulgata)
  • 346 Docemur auctoritate legum domitas habere libidines - Wij leren door het gezag der wetten onze hartstochten in be- dwang te houden. CICERO; De Oratore 1. 194
  • 409 Eructavit cor meum verbum bonum - Mijn hart sprak een kostelijk woord uit. (eructare is kerklatijn) Psalm 44 (Vulgata)
  • 465 Facile est teneros adhuc animos componere; difficulter reciduntur vitia; quae nobiscum creverunt - Het is gemakkelijk nog jeugdige hartstochten te beteugelen; on- deugden; die mèt ons opgegroeid zijn; worden moeilijk uitgeroeid. SENECA; De ira 2. 18. 2
  • 578 Hic ubi cor patriae monumentum cordibus intus quod gestant cives spectet ad astra Dei - Moge hier; waar het hart van het vaderland is; een herinnering; die in het diepst van het hart de burgers dragen; opzien naar de sterren van God.  Distichon op her Nationale Monument op de Dam; Amsterdam
  • 644 Ille igitur numquam direxit bracchia contra torrentem; nec civis erat; qui libera posset verba animi proferre; et vitam impendere vero - Dus heeft hij nooit zijn armen tegen de stroom gericht; hij was geen burger; die vrijuit dorst zeggen; wat in zijn hart was; en zijn leven op 't spel zetten voor de waarheid. JUVENALIS; Satirae 4. 89
  • 649 Illi robur et aes triplex circa pectus erat; qui fragilem truci commisit pelago ratem primus - Hij had om zijn hart eikehout en een drievoudige laag brons; die het eerst zijn broze boot aan de woeste gee heeft toever trouwd. HORATIUS; Oden 1. 3. 9
  • 659 Impavido pectore - Met onverschrokken hart HORATIUS; Oden 4. 7. 7 Devies van R. J. MURCHISON † 1871
  • 668 Improbe amor; quid non mortalia pectora cogis? - Vreselijke liefde; waartoe drijft gij het menselijk hart niet! VERGILIUS; Aeneis 4. 412
  • 688 In melle sunt linguae sitae vestrae atque orationes; facta atque corda in felle sunt sita atque acerbo aceto - In boning zijn uw tong en woorden gelegen; um daden en un hart in gal en bittere azijn.  PLAUTUS; Truculentus 178
  • 730 Inquietum est cor nostrum; donec requiescat in te Domine! - Onrustig is ons hart; totdat het rust vindt in U; o Heer! AUGUSTINUS; Confessiones 1. 1
  • 755 Ira furor brevis est: animum rege; qui nisi paret; imperat; hunc frenis; hunc tu compesce catena - Toorn is een korte razernij: beheers die hartstocht; want als die niet gehoorzaamt; dan heerst hij; die moet gij door teugels (als een paard); die moet gij door een ketting (als een hond) in toom houden. HORATIUS; Epistulae 1. 2. 62
  • 769 Ita major est muneris gratia quo minus diu pependit - Des te groter is de dank voor een geschenk; naarmate het minder lang is afgewacht. SENECA; De beneficiis 2.5.3 cf. Spreuken 13. 12: De uitgestelde hoop krenkt het hart
  • 771 Ite procul; Musae; si nil prodestis amanti - Verwijdert u; Muzen; ver weg; als gij niets kunt uitrichten voor een minnend hart. TIBULLUS; Elegiae 2. 4. 15
  • 777 Jam jam non domus accipiet te laeta; neque uxor optima; nec dulces occurrent oscula nati praeripere et tacita pectus dulcedine tangent - Uw vrolijke huis; uw trouwe gade zal u niet meer welkom heten (nu de dood gekomen is); un lieve kinderen zullen niet toesnel- len om u vóór anderen een kus te ontroven; zij zullen un hart niet meer door stille tevredenheid roeren. LUCRETIUS; De rerum natura 3. 894
  • 778 Jam jam nulla viro juranti femina credat; nulla viri speret sermones esse fideles. Quis dum aliquid cupiens animus praegestit apisci; nil metuunt jurare; nihil promittere parcunt: sed simulac cupidae mentis satiata libidost; dicta nihil meminere; nihil perjuria curant. - Laat nooit één enkele vrouw aan de eed van een man geloven; niet één moet verwachten; dat zijn praatjes vertrouwen verdie- nen! Wanneer iemand uitermate verlangt en vurig begeert iets te verkrijgen; dan is hij nooit bang voor wat voor eed ook; dan is hij niet zuinig met zijn beloften: maar zodra de hartstocht van zijn begerig gemoed bevredigd is; dan denkt hij niet meer aan zijn beloften; dan bekommert hij zich in het geheel niet om CATULLUS; Elegiae 64. 143 zijn meineden. Quis = quibus sc. viris
  • 794 Justitia est animi affectio suum cuique tribuens - Rechtvaardigheid is die gezindheid des harten; die aan elk het zijne geeft.  CICERO; De finibus bonorum et malorum 5. 65
  • 868 Lux oculorum laetificat animam - Vriendelijk stralende ogen verblijden het hart. Spreuken 15.30
  • 890 Major adhibita vis ei est; cujus animus est perterritus; quam illi; cujus corpus vulneratum est - Met meer succes wordt druk uitgeoefend op hem; die benauwd is van hart; dan op hem; die gewond is van lichaam. CICERO; Pro Caecina 15. 42
  • 913 Malus est custos diuturnitatis metus; contraque benevolentia fidelis vel ad perpetuitatem - Vrees is een slecht bewaker op de lange duur; maar een wel- willend hart bewaakt trouw; is altijddurend toegewijd. CICERO; De officiis 2. 7. 23
  • 1056 Nec civis erat; qui libera posset verba animi proferre et vitam impendere vero - Er was geen burger; die vrijelijk uit het hart zijn mening kon uiten; en zijn leven op het spel zetten voor de waarheid; JUVENALIS; Satirae 4. 90
  • 1086 Nemo Deum fallit; cui omnia; etiam cordis occulta; manifesta sunt - Niemand ontgaat God; aan wie alle dingen; ook de verborgen- heden van ons hart; openbaar zijn. AMBROSIUS; Epistulae 17; 2
  • 1109 Nescia mens hominum fati sortisque futurae; et servare modum; rebus sublata secundis - Het menselijk hart; niets wetend van zijn lot; van wat de toe- komst brengen zal; noch van maat houden; daar het trots is op zijn voorspoed. VERGILIUS; Aeneis 10. 501
  • 1140 Nil ego contulerim jucundo sanus amico - Ik zou; zolang ik mijn verstand goed gebruik (quamdiu sana mente sum); niets kunnen vergelyken met een hartelijke vriend. HORATIUS; Satirae 1. 5. 44
  • 1205 Non semper ea sunt; quae videntur; decipit frons prima multos; rara mens intellegit quod interiore condidit cura angulo - Niet altijd is iets dat; wat het schijnt; het eerste gezicht misleidt velen; zeldzaam is het inzicht; dat begrijpt; welke zorgen verborgen liggen in de binnenste schuilhoeken van het PHAEDRUS; Fabulae 4. 2.5 hart.
  • 1325 Omni custodia serva cor tuum; quia ex ipso vita procedit - Behoed uw hart met alle mogelijke bewaking; want juist daaruit openbaart zich uw levenswandel. Spreuken 4. 23
  • 1351 Opes regum corda subditorum (sunt) - De rijkdommen van koningen zijn de harten hunner onder- danen. Spreuk van Keizer Leopold II † 1792
  • 1365 Ore et corde idem - Dezelfde met de mond en met het hart. Devies der familie Van Asch Van Wijck cf. Romeinen 10. 8-10
  • 1397 Passio; non deus est amor; ast humana libido praetendit vitiis; nomen inane; suis - De liefde is hartstocht; geen god; maar de menselijke harts- tocht camoufleert zijn fouten door een ijdele naam. JANUS PANNONIUS; Epigrammata 1. 173
  • 1414 Pectus est; quod disertos facit - Het is het hart; dat welsprekenden maakt. QUINTILIANUS; Institutio oratoria 10. 7. 15
  • 1415 Pectus facit theologum - Het hart vormt de theoloog NEANDER; theoloog; † 1595
  • 1435 Perturbatio animi plerumque brevis est et ad tempus - Hartstocht duurt meestal maar kort; en voor een ogenblik. CICERO; De officiis 1. 8. 27 4145
  • 1560 Qui ipse haud amavit; aegre amantis ingenium inspicit - Wie zelf niet bemind heeft; slaat moeilijk een blik in een verliefd hart. PLAUTUS; Miles gloriosus 639
  • 1591 Quid non mortalia pectora cogis; auri sacra fames! - Waartoe drijft gij niet; vervloekte gouddorst; de harten der stervelingen! VERGILIUS; Aeneis 3. 56
  • 1612 Quis beatiorem quemquam putet quam eum; qui sit omni perturbatione animi liberatus? - Wie kan iemand gelukkiger achten dan hem; die van iedere hartstocht is bevrijd? CICERO; De republica 1. 28
  • 1616 Quis fallere possit amantem? - Wie zou een minnend hart kunnen misleiden? VERGILIUS; Aeneis 4. 296
  • 1783 Scilicet insano nemo in amore videt - Zeker gebruikt een verliefd hart verstand noch oog. PROPERTIUS; Elegiae 2. 14. 18 
  • 1854 Sic certe vivendum est; tamquam in conspectu viva- mus; sic cogitandum; tamquam aliquis in pectus inti- mum inspicere possit - Zo moeten wij voorzeker leven; alsof wij leven voor ieders oog; 26 moeten wij denken; alsof iemand in het binnenste van ons hart kan zien. SENECA; Epistulae 83. 1
  • 1906 Sperat infestis; metuit secundis alteram sortem bene praeparatum pectus - Bij tegenspoed hoopt; bij voorspoed vreest het hart; dat door wijze leefregels (voor het leven) is voorbereid; het tegenge- stelde lot. HORATIUS; Oden 2. 10. 13 infestis; secundis: dat. of abl.
  • 1911 Stabat mater dolorosa juxta crucem lacrimosa dum pendebat filius; cujus animam gementem contristatam et dolentem pertransivit gladius. O; quam tristis et afflicta fuit illa benedicta mater unigeniti! Quae maerebat et dolebat et tremebat; cum videbat nati poenas incliti. Fac me cruce custodiri morte Christi praemuniri confoveri gratia! Quando corpus morietur fac ut animae donetur paradisi gloria! - Vol smart stond Jezus' moeder naast het kruis; smolt weg in tranen terwijl haar zoon daar hing; en zij dacht; toen droefzy steende hem betreurend; hem bewenend; dat een zwaard door 't hart haar ging. O; hoe droevig; hoe verslagen; was die zeg nrijke moeder van Gods eeng boren Zoon! Klacht op klacht zij bevend slaakte; toen zij aanschouwde; hoe de straffen troffen haar door luchtig Kind. Wil
  • 1949 Sursum corda! - Harten omhoog! Zeer oude liturgische uitroep; waarmee bij de eucharistische viering de lofverheffing wordt ingezet Lyfspreuk van Thomas Morus † 1535
  • 2019 Tu'si animum vicisti potius quam animus te; est quod gaudeas - Indien gij uw hartstocht hebt overwonnen; veeleer dan uw hartstocht u; is er reden om u te verblijden. PLAUTUS; Trinummus 2. 2. 29
  • 2102 Veni Creator Spiritus mentes tuorum visita imple superna gratia quae tu creasti pectora. Qui Paraclitus diceris donum Dei altissimi; fons vivus; ignis; caritas et spiritalis unctio. Per te sciamus da Patrem; noscamus atque Filium; te; utriusque Spiritum credamus omni tempore. - Kom tot ons neer; o Schepper - Geest bezoek de zielen van uw gelovigen; vervul met hemelse genade de harten; die Gij geschapen hebt. Gij; die de Trooster wordt geheten; geschenk des allerhoogsten Gods; en gloed en liefde en levensbron; en die met geestelijke olie zalft. Laat ons door U de Vader kennen; leer ons Hem kennen en zijn Zoon; U; Geest van beiden uitgegaan; gelovig eren te allen tijd! Hymne van RHABANUS MAURUS † 8;6
  • 2186 Vivite fortes; fortiaque adversis opponite pectora rebus - Leeft dapper en stelt tegenover tegenspoed een dapper hart! HORATIUS; Satirae 2. 2. 135

Haat:

  • 26 Acerrima proximorum odia (sunt) - Het felst is de haat tussen naaste verwanten. TACITUS; Historiae 4. 70
  • 129 Aut amat aut odit mulier; nil est tertium - Of liefde of haat koestert een vrouw; een derde (tussenweg) is er niet (voor haar) PUBLILIUS SYRUS; Sententiae
  • 148 Bellum cum captivis et feminis gerere non soleo; armatus sit oportet; quem oderim - Ik ben niet gewoon oorlog te voeren tegen gevangenen en vrou- wen; hij; die ik haat; moet gewapend in. CURTIUS RUFUS; Historiae Alexandri Magni Macedonis
  • 748 Invisa numquam imperia retinentur diu - Een gehaat gezag houdt nooit lang stand. SENECA; Phoenissae 660 
  • 756 Ira; quae tegitur; nocet; professa perdunt odia vindictae locum - Toorn; die geheim wordt gehouden; kan schaden; wordt de haat openbaar gemaakt; dan vervalt daardoor de gelegenheid tot wraak. SENECA; Medea 153
  • 932 Media vita in morte sumus; quem quaerimus adjutorem nisi te Domine? Qui pro peccatis nostris juste irasceris.. - Beter is genodigd te worden op een groentemaaltijd waar de liefde; dan op het gebraad van een gemest kalf; waar de haat heerst. Spreuken 17. 15 Midden in het leven liggen wij in de dood. Wie zoeken wij als helper dan u; o Heer? Die u met recht vertoornt om onze zon- den. Begin van een stervenslied; zeker meer dan 1000 jaar oud; dit werd bij begrafenissen; bedeprocessies en vooral ook in de slag gezongen.
  • 1289 Obsequium amicos; veritas odium parit - De volgzaamheid brengt vrienden aan; de waarheid haat. TERENTIUS; Andria 68
  • 1300 Odi et amo; quare id faciam; fortasse requiris. Nescio; sed fieri sentio et excrucior - Ik haat en ik bemin; waarom ik dit doe; vraagt gij misschien. Ik weet het niet; maar ik voel; dat dit gebeurt en ik word er door gekweld. CATULLUS; Elegiae 85
  • 1301 Odi profanum vulgus et arceo - Ik haat de oningewijde grote massa en houd ze ver van mij af. HORATIUS; Oden 3. 1. 1
  • 1303 Odium theologicum - Theologenhaat; twistgierigheid op het terrein van de godsdienst.
  • 1319 Omnes homines; qui de rebus dubiis consultant; ab odio; amicitia; ira atque misericordia vacuos esse decet Allen; die moeten beraadslagen over twijfelachtige aangelegenheden; moeten vrij zijn van haat; vriendschap; toorn en medelijden. SALLUSTIUS; Bellum Catilinae 51
  • 1531 Quam invisa sit singularis potentia et miseranda vita; qui se metui quam amari malunt; cuivis facile intel- lectu fuit - Hoe gehaat een alleenheerschappy is en hoe beklagenswaar dig het leven van hen; die liever gevreesd dan bemind willen worden; is voor een ieder gemakkelijk te begrijpen. NEPOS; Dion 9
  • 1703 Regnare non vult; esse qui invisus timet - Hy wil niet regeren; die vreest gehaat te zijn. SENECA; Phoenissae 654
  • 1737 Risus rerum maximarum momenta vertit; cum odium iramque frequentissime frangat - Een lach is in de moeilijkste omstandigheden van gunstige invloed; daar hij zeer dikwijls haat en toorn overwint.
  • 1901 Speciosius aliquanto injuriae beneficiis vincuntur quam mutui odii pertinacia pensantur Vrij wat schoner is het; wanneer beledigingen worden ge- wroken' door weldaden; dan wanneer zij vergolden worden door een hardnekkig voortduren van wederzijdse haat. cf. Spreuken 15. 1 VALERIUS MAXIMUS 4. 2. 4
  • 1932 Subtrahe pedem tuum de domo proximi tui; nequando satiatus oderit te - Zet uw voet niet te dikwijls in het huis van uw naaste; opdat hij niet te eniger tijd genoeg van u krijgt en u haat. Spreuken 25. 17
  • 1952 Suspectum semper invisumque dominantibus; qui proximus destinaretur - Altijd is bij heersers verdacht en gehaat; wie tot naaste (opvolger) bestemd is.
  • 2010 Triplex est veri judicii venenum: amor; odium; invidia - Een drievoudig gif staat een eerlijk vonnis in de weg: liefde; haat; afgunst. PETRARCA; Epistulae de rebus familiaribus (praefatio)
  • 2120 Veritas odium parit - Waarheid verwekt haat AUSONIUS; Ludus septem sapientium: Bias 3





 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Het grootste bordeel van Europa

Typisch Spaans: Balay

Wat doet een Chief Economist - Officer?